Geen huis is geen leven

Dakloosheid is de meest extreme vorm van armoede. Dat stelt de Federatie Opvang naar aanleiding van een artikel in Trouw (17 mei 2017). Een cliënt zegt daarover: “Geen huis is geen leven, geen rust in mijn hoofd, stress en geen toekomst.”

Jop Fackeldey

“Heel herkenbaar”, aldus wethouder Financiën, Economie en Wonen Jop Fackeldey van de gemeente Lelystad. “Het hebben van onderdak is een basisbehoefte van de mens. Het recht op wonen is dan ook opgenomen in de Grondwet. De overheid draagt er zorg voor dat alle inwoners op gepaste wijze gehuisvest zijn. Als gemeente hebben wij dus een belangrijke taak bij het voorzien in de behoefte aan woonruimte. Zeker als het gaat om groepen die niet zelf in hun woonruimte kunnen voorzien en daar hulp bij nodig hebben. Denk aan mensen met financiële problemen. Maar ook als er andere redenen zijn, horen wij mensen te ondersteunen. Een plek om goed te kunnen wonen zorgt voor stabiliteit in iemands leven. Dat is een voorwaarde om actief deel te kunnen nemen aan de samenleving.”



10.000 (kleine) woningen nodig

De woningvoorraad is niet altijd voldoende, en vooral betaalbare en kleine huizen ontbreken. Daardoor kunnen mensen van opvangplekken en beschermd wonen niet uitstromen. In een Quick Scan concludeerden we dat er zo’n 16.000 mensen in Nederland te lang een plaats bezet houden in de opvang of beschermd wonen. Met 10.000 extra betaalbare units zou dit probleem voor een groot deel opgelost zijn. Dit betekent een veel efficiëntere inzet van gemeentemiddelen. De 10.000 extra woningen betekenen dat de wachtlijsten kunnen worden weggewerkt.

Actieprogramma Weer Thuis: maatwerk per regio

Corporaties, gemeenten en instellingen voor opvang en beschermd wonen dragen bij om dit vraagstuk op te lossen. Vanuit de koepels, Aedes, Federatie Opvang (mede namens RIBW Alliantie en GGZ Nederland), VNG en het Leger des Heils is het actieprogramma Weer Thuis opgezet. Dit programma moet een impuls geven aan de uitstroom. Regionale bestuurders van gemeenten, corporaties en opvang/BW-instellingen maken een plan voor de regio. Regionaal worden prestatieafspraken gemaakt die gedragen en dus uitgevoerd worden. Dat is de kern van het programma.

Rol van de gemeenten

Samenwerking is essentieel, onderkent ook Fackeldey als wethouder: “Sinds de Woningwet 2015 staan we als gemeenten veel meer aan het roer. Dat is goed. Iedere woningmarkt is immers anders, dus is lokaal maatwerk noodzakelijk. Maar als gemeente bouwen wij zelf geen woningen. Daarom voeren wij onze volkshuisvestelijke taak uit in nauwe samenwerking met de woningcorporaties, onze volkshuisvesters.”



Instellingen actief

Ook instellingen zijn actief om te zorgen dat de woningvoorraad groter wordt en dat mensen kunnen uitstromen. “Goede huisvesting is een belangrijke voorwaarde voor een zelfstandig leven met maximale eigen regie”, stelt bestuurder Jules van Dam van stichting De Tussenvoorziening. “Wij werken samen met corporaties en gemeenten op lokaal niveau. Er worden zelfs panden aangekocht. Housing First is een veel ingezette aanpak.” De Tussenvoorziening streeft ernaar cliënten na de eerste opvang of waar mogelijk direct te laten wonen in zelfstandige woningen. “Dit kunnen zelfstandige woningen zijn, geclusterd in een pand, maar ook zelfstandige woningen in mixed wonen-formules of zelfstandige woningen verdeeld over de stad. Dit is afhankelijk van de hulpvraag en de mogelijkheden van de cliënt.”

Samenwerking

Waar nodig werken de wethouders wonen en de corporaties uiteraard samen met wethouders zorg en instellingen, en maken aanvullende afspraken. Wethouder Fackeldey: “Mocht er strijd ontstaan bij keuzes voor doelgroepen, dan moet die omgebogen worden tot een goed gesprek en zal er een zorgvuldige afweging gemaakt moeten worden, zo nodig op het niveau van de gemeenteraad.” In gesprek gaan met elkaar is dus noodzakelijk, samenwerking vinden tussen instellingen, corporaties en gemeenten. Onze instellingen zijn daartoe van harte bereid.


Naar het menu