• Dakloze burger komt moeilijk uit het dal

    Veel dakloze mensen zijn lange tijd nadat ze zijn aangemeld bij maatschappelijke opvang of beschermd wonen nog steeds kwetsbaar, bijvoorbeeld op het gebied van wonen en financiën. Dat blijkt uit een onderzoek dat Impuls, het onderzoekscentrum voor maatschappelijke zorg van het Radboudumc, gedurende 5,5 jaar uitvoerde onder Amsterdamse dakloze mensen. Niet eerder is het welzijn van (ex-)dakloze mensen over zo’n lange periode onderzocht.

    Langjarige cohortstudie
    Tussen 2011 en 2014 voerde Impuls – Onderzoekscentrum maatschappelijke zorg van het Radboudumc, in samenwerking met het Instituut voor Onderzoek naar Leefwijzen en Verslaving, een langjarige cohortstudie uit naar dakloze mensen in de vier grote steden. In opdracht van de gemeente Amsterdam voerde Impuls daarna een vervolgmeting uit onder de Amsterdamse deelnemers. In deze vijfde meting zijn 72 Amsterdamse deelnemers, ongeveer 5,5 jaar na instroom in de maatschappelijke opvang, opnieuw geïnterviewd.

    Huisvesting
    Uit het onderzoek blijkt dat de deelnemers, 5,5 jaar na instroom, nog steeds een kwetsbare groep zijn op het gebied van huisvesting en financiën. De woonsituatie is overigens wel verbeterd ten opzichte van de eerste meting. Bij de start van het onderzoek in 2010 waren alle deelnemers dakloos. Vijf en een half jaar later is 57 procent van de deelnemers zelfstandig gehuisvest. Tegelijkertijd verblijft 36 procent van de deelnemers nog in instituties, waarvan bijna 39 procent gebruik maakt van begeleid wonen. Een enkeling is nog steeds dakloos of marginaal gehuisvest. Linda van den Dries, coördinator van het onderzoek: “Hier valt zeker dus nog winst te behalen, hoewel zelfstandige huisvesting mogelijk niet voor iedereen haalbaar en passend is.”

    Financiën
    De financiële situatie van de deelnemers is 5,5 jaar na toelating tot de maatschappelijke opvang minder gunstig. Na afloop van de eerste schuldsaneringstrajecten heeft een kleine meerderheid van deelnemers nog steeds (hoge) schulden. De belangrijkste inkomstenbron blijft een bijstand- of daklozenuitkering. Per maand hebben de deelnemers rond de 200 euro om voor zichzelf uit te geven, huur en maaltijden niet meegerekend. Linda van den Dries: “Dit bedrag zal bij veel deelnemers niet voldoende zijn om de bestaande schulden af te lossen. Het aflossen van de schulden verdient veel meer aandacht vanuit de hulpverlening.”

    In contact blijven
    De deelnemers aan het onderzoek zijn 5,5 jaar na instroom in de maatschappelijke opvang nog steeds een kwetsbare groep, concludeert Linda van den Dries: “De deelnemers hebben extra hulp nodig bij het vinden van huisvesting, dagbesteding en werk en het oplossen van hun financiële problemen. Het is belangrijk dat deze vormen van hulp op elkaar afgestemd zijn. Omdat de meerderheid van de deelnemers zelfstandig gehuisvest is, en bij velen de zorgtrajecten afgesloten zijn, is het belangrijk om met de deelnemers in contact te komen en te blijven. Mogelijk kunnen sociale wijkteams hierin een rol spelen. Het bieden van de juiste hulp en ondersteuning is een belangrijke taak voor de gemeente.”

    Meer informatie
    Lees hier het rapport van het onderzoek onder de Amsterdamse dakloze mensen en de rapportages van de eerdere metingen in alle vier de grote steden.

Inlog voor leden close
De website van de Federatie Opvang is voor iedereen toegankelijk. Echter, alleen medewerkers van bij de Federatie Opvang aangesloten lidinstellingen hebben toegang tot:
- De besloten items van deze website;
- De ledennieuwsbrieven

Heeft u nog geen account, maar wilt u als lid graag toegang tot dit besloten gedeelte, dan kunt u hier een account aanvragen.

Hieronder kunt u met uw (werk) e-mailadres en bij registratie opgegeven wachtwoord inloggen voor toegang tot de niet-publieke onderdelen van deze website. En vraag hier een nieuw wachtwoord aan.